Glazen

Drink bier altijd uit een glas. Het bekende grapje ‘ik hoef geen glas, want het zit al in een glas’ doet geen recht aan het bier. Want bier dat je direct uit fles of blik naar binnen giet, zie je niet en ruik je niet. Bier verdient het met evenveel aandacht en toewijding te worden genuttigd als waarmee het is gemaakt. Bier in een mooi glas ziet er beter uit, en smaakt alleen al daardoor beter.

Er zijn talloze vormen en maten als het om bierglazen gaat, maar over het ultieme bierglas kunnen we vrij kort zijn: dat is het teku glas.

Het is een glas dat voor vrijwel elk type bier geschikt is. Het is ontworpen door de Italianen Teo Musso (van brouwerij Baladin uit Piemonte) en zijn maat Lorenzo Dabove (beter bekend als Kuaska, Italië’s bekendste bierevangelist). Teo en Kuaska, TeKu dus. Het lijkt nog het meest op een groot wijnglas: een glas op een voet, met een wijd uitlopende bodem, dan taps toelopend naar boven, eindigend in een schuin uitstaande rand. Je ziet het glas op de foto, hier in een uitvoering van Brussels Beer Project. Veel kwaliteitsbrouwerijen hebben een teku glas met hun logo laten maken.

Het ideale glas

Dit is voor mij het ideale glas om van bier te genieten, of het nu om een heldere saison of een zwarte porter gaat. Esthetisch bijzonder fraai, prettig aan de mond en geheel in dienst van de aroma’s en smaken van het bier. Als er niets anders voorhanden is, is een (groot) wijnglas ook geschikt om bier uit te drinken.

Verder raad ik naast het teku glas de volgende glazen aan voor een basis assortiment aan bierglazen: pint, kelk en een proefglas. Je hebt dus maar vier soorten glazen nodig om je servieskast te vullen.

Voor bieren zoals pils of geuze is het vaas- of pintmodel geschikt. Mijn voorkeur gaat uit naar een glas dat vaak voor geuzes wordt gebruikt: een struise uitvoering van dit type glas, conisch (bovenaan wijder dan onderaan), met inkepingen aan de onderzijde om het contact tussen warme handen en het koele bier te minimaliseren. Het staat ook nog mooi. Het Engelse pint model heeft bovenaan een verdikking. Prima voor de pale ale, porter of (dry) stout. De variant voor wie hip wil doen, of het ook echt is, is de mason jar. Het ziet eruit als een jampot, en is het glas van keuze in de Amerikaanse beer gardens. Ruig en rustiek, gewoon gemaakt voor die knaller van een IPA.

Uitschenken is een feest

Voor steviger bieren zoals dubbels, tripels en quadrupels kies ik een kelk, ook wel bokaal genoemd: een glas op een voet, wijd uitlopend. Het nodigt uit om rustig te nippen van het bier, en optimaal van elke slok te genieten. Kijk eens of je op een rommelmarkt of in een kringloopwinkel een wat antieker exemplaar op de kop kan tikken: mooi trappistenlogo, gegraveerd, zilveren of gouden rand (niet in de vaatwasser doen), prachtig. Alleen al het uitschenken in zo’n mooi glas is een feest. (Stiekem vind ik dat een kelkglas alleen maar een logo van een trappistenbier erop mag hebben).

Tot slot adviseer ik een set kleine glaasjes om de echt zware bieren in uit te schenken, bijvoorbeeld in de vorm van het proefglas dat door de ISO is ontwikkeld. Soms krijg je dergelijke glaasjes op bierfestivals. Als je de avond besluit met bijvoorbeeld een mooie Russian imperial stout, kun je prima een flesje delen met behulp van deze kleinere glaasjes. Gedeelde vreugde is immers dubbele vreugde.

Diverse bieren en bierstijlen kennen een glas dat er typisch bij hoort. Leuk, maar niet echt noodzakelijk. Een paar voorbeelden.

  • Stange – het smalle, rechte, kleine glas voor Kölsch en Alt. Fijn in Keulen en Düsseldorf. Punt.
  • Thistle – voor de Scotch ales. Alleen voor mensen die thuis wel eens in een kilt rondlopen.
  • Weizenglas – prachtig gezicht, zo’n halve liter Weizen met een wolkende schuimkraag er bovenop. Maar zoals zo vaak: het is vooral leuk op de plaats van vakantie, en niet thuis.
  • Hoegaardenglas – het bekende zeskantige glas voor witbier. Robuust en stoer kun je zeggen. Lomp en onprettig aan de mond kan ook.
  • Pauwel Kwakglas – de gimmick van het glas met bolle onderkant, in een speciale houder, is een ramp voor de kastelein en een drama in je servieskast.
  • Fluitje – puur glasbakmateriaal.

Welk glas het ook is: schenk het bier uit in een schoon en droog glas, zonder vet of resten van schoonmaakmiddel. Dat is het beste voor het schuim en de smaak. En laat een eventueel gistdepot daar waar het zijn schone taak heeft verricht: in de fles.

Plaatje: Brussels Beer Project

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.